tips over licht & lampen

Breng meer licht in uw omgeving!

Er zijn vijf simpele vuistregels. U kunt ze achter elkaar lezen. Of ga direct naar het onderwerp waarover u meer wilt weten door hieronder op dit onderwerp te klikken.

  1. Benut het buitenlicht
  2. Lichte kleuren doen wonderen
  3. Gebruik goede lampen
  4. Zorg voor gelijkmatige verlichting
  5. Extra licht is vaak nodig

1. Benut het buitenlicht.

Kijk eens goed rond in uw woning. Waar komt het buitenlicht naar binnen? Wat jammer als u dit gratis licht niet optimaal benut...

Zit u bijvoorbeeld vaak aan een tafel te lezen? Zet die tafel dan bij het raam. Dat geldt ook voor uw favoriete stoel. Misschien durft u er zelfs een kleine interne verhuizing aan te wagen: in welke ruimte valt het meeste licht binnen? Maak daar de plek van waar u het meest verblijft.


2. Lichte kleuren doen wonderen

Houd plafond en muren wit. En kies lichte kleuren voor vloer en meubilair. Donkere kleuren absorberen meer licht en zijn daarom niet aan te raden.


3. Gebruik goede lampen

Een goede lamp is een lamp die het natuurlijke daglicht buiten benadert. Niet alleen de hoeveelheid licht, ook de kwaliteit is belangrijk. Let daarom op de kleurtemperatuur en kleurweergave. Deze begrippen leggen we hieronder uit.

Kleurweergave (CRI)
Kies een lamp met een hoge kleurweergave-index, in het Engels 'Color Rendering Index', afgekort: CRI. Bij elke lamp of tl-buis die u koopt kunt u vragen naar de CRI. Dit is een soort rapportcijfer van tussen de 0 en de 100. De CRI moet zo hoog mogelijk zijn, liefst hoger dan 80 en het is helemaal mooi als deze boven de 90 is.


Kleurtemperatuur
Ook de kleurtemperatuur is belangrijk. De kleurtemperatuur wordt in kelvin uitgedrukt. Niet elke lamp geeft dezelfde kleur licht. Hoe lager de kleurtemperatuur, hoe roder of 'warmer' het licht. Hoe hoger de kleurtemperatuur, hoe blauwer of 'koeler' het licht.

Ons advies:
Kies een lamp met een kleurtemperatuur van tussen de 5000 en 6000 kelvin en met een kleurweergave - index van meer dan 80, liefst meer dan 90, en zorg voor een gelijkmatige verlichting door grote oppervlakten te verlichten. Overigens vindt niet iedereen dit licht gezellig. Volg daarom uw eigen smaak.

Etiket lezen
Op de verpakking, lamp of fitting kunt u lezen wat de kleurweergave (CRI) en kleurtemperatuur van die lamp is. De kleurtemperatuur wordt afgekort, dat wil zeggen: de nullen worden er vanaf gehaald. Een voorbeeld van een lamp met een kleurweergave van 80 en een kleurtemperatuur van 2700 kelvin: men kort die 2700 af tot 27. Deze lamp wordt zó vermeld: 80 / (8)27.


4. Zorg voor gelijkmatige verlichting

Gelijkmatige verlichting is belangrijk in de ruimtes waar u vaak verblijft. Gebruik bijvoorbeeld ook lampen, of tl-buizen in een omkapping, die het licht niet naar beneden maar juist naar boven uitstralen - dus naar het plafond en de muren. Zo wordt het licht vrij diffuus over de ruimte verdeeld en lijkt een kamer bovendien groter dan wanneer het licht alleen naar beneden schijnt.

Met een dimmer kunt u het lichtniveau bij de eettafel aanpassen. Van weinig licht voor een romantisch diner tot helder licht als u aan die tafel leest.

Vermijd verblinding
Voorkóm dat lampen direct in uw ogen schijnen. Ziet u bijvoorbeeld een peertje als u aan de eettafel zit? Draai de kap of verplaats de lamp. Schijnt de zon te fel naar binnen? Hang dan - dunne - vitrages op, gebruik jaloezieën of een andere vorm van zonwering om het binnenkomende licht te filteren.


5. Extra licht is vaak nodig

Bij veel bezigheden moet u details onderscheiden. Lezen, schrijven, puzzelen, op internet surfen, koken, klussen, handwerken en noem maar op. Dan is meestal extra licht nodig. Op de plekken waar u leest en precies moet kunnen zien, is het goed om meer dan 500 lux te hebben. Op sommige momenten is licht een bijzonder aandachtspunt, bijvoorbeeld als u 's nachts moet opstaan. Of als u uw woning betreedt. We gaan nu verder in op het thema extra licht.

Gericht licht
Gebruik gericht licht, bijvoorbeeld met staande lampen, verstelbare tafellampen of spotjes. Plaats dit licht, bijvoorbeeld om te lezen, aan de zijkant - en dus niet aan de voorkant - om te voorkomen dat de lamp, of reflecties ervan, te direct in uw ogen schijnen.



Rechts- of linkshandig?
Voor rechtshandige mensen geldt: plaats het licht links naast en iets voor u. Voor linkshandige is dit juist omgekeerd: plaats het licht rechts naast en iets voor u. Zo kun je schaduwen van je eigen hand en arm voorkomen. Licht vanaf de zijkant voorkomt verblinding.



Licht bij uw (werk)tafel, computer of tv

(Werk)tafel
Vanzelfsprekend hebt u boven uw (werk)tafel of bureau goede verlichting nodig. Hang echter geen lampen achter u. Plaats lampen liever aan de zijkant en iets voor u. Zo valt er zo min mogelijk van uw eigen schaduw op uw werkoppervlak.

Computer of tv
De beste plek voor een computer- of tv - scherm is haaks op een raam. Het raam bevindt zich dan aan uw zijkant. Als het raam recht voor of achter u is, kunt u last hebben van reflecties en van een te groot contrast met het buitenlicht.

Licht in de keuken
De keuken moet licht zijn. Hebt u in uw keuken alleen plafondverlichting in het midden van de ruimte? Dan kunnen er hinderlijke schaduwen ontstaan als u bij het aanrecht staat. Vandaar het advies om uw aanrecht en fornuis extra en schaduwvrij te verlichten, bijvoorbeeld met een spotje boven het aanrecht en het fornuis. Hangen er kastjes boven het aanrecht en is er ruimte tussen het plafond? Dan kunt u aan de bovenkant van deze kastjes tl-lampen plaatsen, die het plafond beter verlichten. U kunt ook tl 's onder de keukenkastjes aanbrengen maar zorg dan wel voor een armatuur (omkapping) die voorkomt dat het licht hinderlijk in uw ogen schijnt.

Plaats de verlichting bij voorkeur iets opzij en naar voren ten opzichte van de plek waar u normaal gesproken staat.


's Nachts veilig opstaan
Vooral 's nachts, als u bijvoorbeeld naar het toilet moet of wat wilt drinken, is het belangrijk dat er wat licht is, zodat u veilig de weg kunt vinden. Markeer bijvoorbeeld de weg tussen het bed en de gang of toilet met een of meer nachtlampjes die u in stopcontacten kunt steken. Er zijn lichtknoppen met 'lichtgevende' of 'fluoriserende' schakelaars die oplichten in het donker. Er zijn ook lampjes met een bewegingssensor. Dan gaat het licht automatisch aan als u 's nachts in beweging komt. Zwak licht is al voldoende - uw ogen zijn namelijk aan het donker gewend. Te fel licht kan uw slaapritme verstoren.


De entree van uw woning
Is de ingang van uw woning helder verlicht? Dat is belangrijk. Stel, je komt overdag van buiten en je ogen zijn aan het buitenlicht gewend. Bij een slecht verlichte ingang lijkt het alsof je in een onverlichte kelder stapt. Zorg dus voor een helder verlichte ingang die geleidelijk aan overgaat naar het gebruikelijke licht in de woning. Vermijd, kortom, sterke overgangen van licht naar donker en andersom.

Lichtbox of 'lichtbak'
Sommige 50-plussers dienen zichzelf extra licht toe met hulp van een lichtbox, in de volksmond 'lichtbak' genoemd, of 'individuele daglichtlamp'. Doe dit bij voorkeur in een verder goed verlichte ruimte, anders wordt het verschil tussen het heldere licht uit de lichtbox en het donker in de omgeving onprettig. Bijvoorbeeld vlakbij een raam. Een lichtbox wordt meestal gedurende een half uur 's morgens vroeg toegepast.


Verantwoording

De tips over licht & lampen kwamen tot stand mede dankzij Mariëlle Aarts, Els Møst, Eus van Someren, Koen van Velsen en de volgende publicaties:


  • Brawley, Elizabeth C, (2009) Enriching lighting design. NeuroRehabilitation (25) 2009 189 - 199.
  • Gross Figueiro, M. (2001) Lighting the Way: A Key to Independence. Lighting Research Center.
  • Wirz-Justice A., Benedetti F., Terman M. (2009) Chronotherapeutics for Affective Disorders. A Clinician's Manual for Light and Wake Therapy.
  • De illustraties komen uit het reeds genoemde Lighting the Way: A Key to Independence.

Terug naar de homepage

aan het woord

Over ons | Disclaimer